Hoe betrek je ouders bij de begeleiding van een kind met rekenangst?
In eerdere blogs lees je meer over wat rekenangst is, waardoor het kan ontstaan, hoe het samenhangt met rekenprestaties en hoe je leerlingen met rekenangst het beste kunt ondersteunen. In deze blog vertellen we hoe je ouders kunt betrekken wanneer je vermoedt dat een leerling rekenangst heeft.
1. Hoe krijg je meer zicht krijgen op de problemen vanuit ouderperspectief?
Nodig ouders uit voor een gesprek als je rekenangst bij een leerling vermoedt. Vertel wat je is opgevallen en vraag expliciet welk gedrag het kind thuis laat zien. Mogelijke kenmerken zijn:
- Lichamelijke klachten: vaak klagen over buikpijn, hoofdpijn of misselijkheid voordat het kind naar school gaat
- Veel piekeren of slecht slapen, bijvoorbeeld voor een toets
- Snel huilen, gefrustreerd raken of boos worden tijdens het maken van huiswerk of het leren voor een toets
- Vermijdings- of uitstelgedrag rondom rekenen, bijvoorbeeld weigeren te oefenen of huiswerk te maken. Dit gedrag hoeft zich niet te beperken tot huiswerk, maar kan ook voorkomen in alledaagse situaties of bij spelletjes waarin rekenen een rol speelt
- Vaak negatieve uitspraken doen, zoals “Ik leer dit toch niet” of “Ik kan dit niet”
- Niet naar school willen
Bij klachten die niet duidelijk met rekenen samenhangen, zoals niet naar school willen of vaak lichamelijke klachten hebben voor school, is het belangrijk dat ouders proberen te achterhalen of deze voortkomen uit negatieve gevoelens rondom rekenen of dat er bredere problemen aan ten grondslag liggen.
Vraag eventueel ook hoe ouders zelf het rekenen op de basisschool hebben ervaren en of zij daar weleens met hun kind over praten. Dit kan inzicht geven in de houding tegenover rekenen binnen het gezin.
2. Welke informatie geef je over rekenangst?
Het is ook belangrijk dat ouders meer inzicht krijgen in wat rekenangst inhoudt. In de blogs over rekenangst (zie bovenaan dit artikel) kunnen zij lezen wat rekenangst is, welke gevolgen het kan hebben en waardoor het kan ontstaan. Ook vinden zij er tips voor het omgaan met rekenangst.
Wanneer je rekenangst met ouders bespreekt, is het in elk geval belangrijk om de volgende punten aan bod te laten komen:
- Rekenangst kan grote gevolgen hebben voor een kind. Kinderen kunnen een sterke lichamelijke reactie krijgen wanneer zij moeten rekenen, vergelijkbaar met de angstreactie bij gevaar of een fobie. Klachten zoals buikpijn, hoofdpijn of misselijkheid zijn vaak reëel en geen voorwendsel om onder een taak uit te komen.
- Door de stress kan een kind tijdens het rekenen blokkeren of rekenfeiten vergeten die het normaal gesproken wel kent. Ook kan het werkgeheugen overbelast raken, waardoor hoofdrekenen erg moeilijk wordt. Het is belangrijk dat ouders beseffen dat dit een natuurlijke reactie op angst is en rustig blijven wanneer een kind alles vergeten lijkt te zijn wat zojuist is uitgelegd.
- Weerstand, strijd rond het huiswerk en vermijdingsgedrag zijn vaak geen tekenen van onwil of luiheid, maar uitingen van rekenangst. Als iets veel stress oproept, is het logisch dat een kind dit probeert te vermijden. Boos of teleurgesteld reageren helpt daarom niet en kan de angst juist versterken. Bedenk samen met de ouders en het kind hoe de stress rond het huiswerk kan worden verminderd (zie ook het kopje ‘Huiswerk maken en thuis oefenen’).
- Rekenangst kun je niet eenvoudig wegredeneren; angst is een automatische reactie van ons brein. Zeggen dat rekenen of getallen niets zijn om bang voor te zijn, helpt daarom meestal niet. Wat wel helpt, is het rekenen stap voor stap op te bouwen, zodat het steeds minder als een bedreiging voelt.
3. Omgaan met fouten
De manier waarop thuis met fouten wordt omgegaan, heeft veel invloed op hoe een kind reageert op fouten en tegenslagen. Als een kind fouten als falen ervaart en het gevoel krijgt geen fouten te mogen maken, neemt de kans op rekenangst toe. Bespreek daarom met ouders hoe zij op een helpende manier om kunnen gaan met fouten:
- Leg niet te veel druk op het eindresultaat, maar meer op de stappen die het kind genomen heeft.
- Blijf rustig en laat geen ongeduld merken, ook niet als je het gevoel hebt dat je de uitleg al meerdere keren hebt moeten geven.
- Maak fouten onderdeel van het leerproces door ze nuttig te maken: wat wilde je doen, wat klopte al, wat kun je de volgende keer anders proberen?
- Focus eerst op welke onderdelen al wel goed gingen.
- Geef niet meteen het antwoord, maar ga samen na waar het fout ging en hoe je dit kunt oplossen.
Bijvoorbeeld: “Je hebt al veel stappen goed uitgevoerd. Het antwoord klopt nog niet helemaal, maar dat is niet erg. Laten we samen bekijken welke stappen goed gingen en waar het even misging.”
Of:
“Deze fout geeft ons nuttige informatie: we weten nu precies welke stap we nog kunnen oefenen.”
Of (als het kind gefrustreerd raakt als het niet meteen goed gaat):
“Je hoeft niet alles in één keer te snappen; laten we eerst naar de eerste stap kijken.”
4. Welke complimenten zijn het meest helpend?
Complimenten kunnen het zelfvertrouwen vergroten, maar het is belangrijk hoe ze worden gegeven. Complimenten als “Wat ben je toch slim” of “Jij bent hier echt goed in” zijn goed bedoeld en fijn om te horen. Tegelijkertijd kunnen ze druk op een kind leggen: als ik hier goed in ben, moet het de volgende keer ook goed gaan.
Complimenten zijn het meest effectief als ze gericht zijn op het proces en niet alleen op het resultaat. Dit stimuleert een groeimindset en vermindert de druk om te presteren. Geef ouders daarom concrete tips voor het geven van complimenten bij rekenen. Hieronder vind je enkele voorbeelden.
Complimenten hebben het meeste effect als ze specifiek en op het proces gericht zijn. Je kunt bijvoorbeeld complimenten geven over de gekozen strategie, het doorzettingsvermogen, het gedrag tijdens de taak, zoals geconcentreerd werken, of het zelfstandig controleren van het werk. Hieronder staan enkele voorbeelden:
Complimenten over strategieën
- “Ik zag dat je eerst een tekening maakte om de som overzichtelijk te maken. Dat was een slimme keuze.”
- “Je hebt de opgave opgedeeld in kleinere stappen. Goed gedaan, dat hielp om niet vast te lopen.”
- “Je hebt goed nagedacht over de strategie die je wilde gebruiken. Goed bezig!”
Complimenten over doorzettingsvermogen of gedrag
- “Je bleef zoeken toen de eerste aanpak niet werkte. Heel goed van je!”
- “Heel goed dat je niet opgaf, ook al vond je deze opgave lastig.”
- “Je hebt je goed geconcentreerd en bleef goed nadenken, ook bij de sommen die lastiger waren. Goed gedaan!”
- “Je hebt heel goed nagedacht over de stappen die je moest zetten.”
- “Goed dat je rustig bent gebleven, ook al zag ik dat je het even moeilijk vond.” (Bijvoorbeeld als het kind normaal gesproken snel gefrustreerd raakt.)
Complimenten over verbetering
- “Vorige week vond je dit nog lastig; nu zie ik dat je de eerste stap zelf kiest.”
- “Je merkte zelf dat er iets niet klopte. Goed dat je je werk nog even controleerde.”
- “Wat goed dat je de stappen nu zo duidelijk kunt uitleggen. Dat lukte de vorige keer nog minder goed.”
- “Weet je nog dat je vorige keer boos/verdrietig werd toen het niet lukte? Nu bleef je veel rustiger, echt knap van je.”
5. Wat spreek je af over thuis oefenen en huiswerk maken?
Thuis oefenen en huiswerk maken leidt bij kinderen met rekenangst vaak tot strijd, met veel impact op zowel het kind als de ouders. Daardoor kan rekenen nog negatiever worden ervaren en de rekenangst toenemen. Bekijk daarom samen met ouders wat kan helpen om deze negatieve spiraal te doorbreken:
- Zorg als leerkracht dat het rekenhuiswerk altijd alleen herhaling is en geen nieuwe stof.
- Stem één gezamenlijke aanpak af. Het kan voor kinderen verwarrend en frustrerend zijn als een som thuis anders wordt uitgelegd dan op school. Neem daarom bij een nieuw onderwerp kort contact op met ouders om de aanpak op school en de leerdoelen toe te lichten. Vinden ouders het lastig om uitleg te geven, spreek dan af dat je als leerkracht de som op school opnieuw uitlegt wanneer de leerling deze niet begrijpt.
- Leg niet te veel druk op het maken van huiswerk. Spreek met ouders af dat het niet erg is als het huiswerk niet of slechts gedeeltelijk lukt. Maak ook duidelijk dat zij het huiswerk niet als een toets hoeven na te kijken: fouten maken mag.
- Bespreek dat spelletjes en rekenen in alledaagse situaties de rekenontwikkeling ook kunnen stimuleren, bijvoorbeeld koken met hoeveelheden, de tijd aflezen, rekenen met geld, bord- en kaartspellen, puzzelen of schatten tijdens het winkelen. Zulke activiteiten maken rekenen functioneel en minder bedreigend en kunnen het vertrouwen van zowel het kind als de ouder vergroten.
- Als het maken van rekenhuiswerk thuis veel strijd of verdriet oplevert, kun je er ook voor kiezen om de leerling voorlopig geen rekenhuiswerk mee te geven. Zodra de angst is afgenomen, kan dit langzaam weer worden opgebouwd.
Daarnaast is het belangrijk om ook het kind te betrekken bij beslissingen over het huiswerk. Zeggenschap over het proces kan het gevoel van machteloosheid verminderen. Maak daarom samen met de ouders en het kind afspraken en vraag wat het kind helpt om rustig te blijven tijdens het huiswerk. Helpt het om vaker pauze te nemen? Om hulpmiddelen te gebruiken, zoals een tafelkaart, stappenplan of formuleboekje? Om minder opgaven mee te krijgen of zelf te bepalen hoeveel of welke opgaven worden gemaakt? Wees hierin flexibel: het belangrijkste doel is het verminderen van de rekenangst, het maken van huiswerk is daaraan ondergeschikt.
6. Zorg voor regelmatige evaluatiemomenten
Spreek af hoe jullie elkaar op de hoogte houden, bijvoorbeeld persoonlijk of per e-mail, en plan regelmatig evaluatiemomenten. Bespreek welke maatregelen op school worden genomen en of deze effect hebben. Ouders kunnen op hun beurt aangeven wat thuis wel en niet werkt. Zo houden jullie samen de vinger aan de pols, kunnen effectieve maatregelen zowel thuis als op school worden toegepast en kan je tijdig bijsturen als de ondersteuning onvoldoende helpt.
Meer lezen over rekenonderwijs?
Wij dragen graag actief ons steentje bij aan het versterken van het onderwijs op school. Verdiep je in de wetenschappelijke inzichten én de praktische vertaling naar de klas voor het rekenonderwijs met de gratis publicatie ‘Leren rekenen’. Hierin lees je onder andere over:
- Kindfactoren bij het leren rekenen
- Pijlers van effectief rekenonderwijs
- Ondersteuning aan leerlingen die rekenen lastig blijven vinden
- Leerlingen met dyscalculie
Meer ondersteuning nodig voor een leerling met rekenangst? Met Leerlingzorg ondersteunen wij leerling en leerkracht met verschillende ondersteuningsbehoeften.